Percussie

In het hoofdvak Percussie zorgen de hoofdvakdocenten voor een afwisselend programma, waarin een groot aantal verschillende muziekstromingen aan bod komen zoals jazz, cross-over, rock, pop, flamenco en muziek van Afrikaanse, Cubaanse en Braziliaanse oorsprong. De uiteenlopende muziekstijlen staan model voor de vele muziekstromingen waarmee een allround percussionist in het huidige West-Europa en de Verenigde Staten in staat moet zijn zich te kunnen uiten.

Doel van het studieprogramma is studenten op te leiden tot allround percussionisten met optimale mogelijkheden voor een succesvolle carrière. Naast het kunnen bespelen van een groot aantal instrumenten - timbales, conga, repenique, cajon, udo en allerlei kleine percussie-instrumenten - moet de allround percussionist zich ook bewust zijn van de culturele achtergrond en de individuele kwaliteiten van deze instrumenten. Van groot belang voor (toekomstige) optredens, studiosessie, en/of een mogelijk docentschap is daarnaast de creatieve ontwikkeling van de student, die hem in staat stelt instrumenten en technieken op zo'n manier te combineren dat een unieke groove en sound ontstaat.

Docenten zijn Bart Fermie en Lucas van Merwijk. Ensembles worden gegeven door Abel Marcel en Danny van Kessel.

Toelatingseisen

Speelvaardigheid
a. De commissie maakt een keuze uit drie door de kandidaat voorbereide stukken waarin hij/ zij aan de commissie, naast instrumentbeheersing en een redelijk ritmisch inzicht, duidelijk blijk geeft van muzikaal inzicht, bij voorkeur in verschillende soorten muziek zoals bijvoorbeeld Cubaans/Braziliaans/Afrikaans.
b. Uit de gespeelde stukken moet blijken dat de kandidaat beschikt over voldoende vaardigheden op verschillende instrumenten, zowel hand- als stokgeslagen instrumenten. Indien nodig kan de commissie hiernaar vragen. De commissie behoudt zich het recht voor een stuk te onderbreken als volgens haar de nodige informatie door de kandidaat is verschaft (in verband met de korte voorspeeltijd van 30 minuten).

Gehoor, tempo/ timing en leesvaardigheid
Onderdelen hiervan zijn:
* het op gehoor meespelen met een onbekend, eenvoudig stuk, zonder dat hierover enige aanwijzing wordt verstrekt
* op het gehoor nazingen en naspelen van een voorgezongen, voorgespeeld ritme
* het spelen van een zelfgekozen partij aan de hand van een gegeven tempo (clicktrack)
* het a prima vista spelen van een uitgeschreven ritme

De commissie kan het examen met enkele oefeningen aanvullen als ze meer informatie over de kandidaat wenst.

Beoordeling
De mogelijkheden om een hoofdvakstudie te volgen worden door de commissie besproken. Bij de beoordeling wordt gelet op:
1. muzikaliteit, gehoor en ritmisch inzicht
2. gevoel voor ritme en tempo
3. affiniteit met de instrumenten en de muziekstijlen die direct verbonden zijn aan de instrumenten.

maar hiernaast ook op:
4. vormgevoel
5. techniek, toonvorming
6. noten- en ritmisch lezen

Voorselectie
In het aanmeldingsformulier vult de kandidaat drie links (o.a. YouTube, Soundlink) in naar materiaal waarop hij/zij te zien en/of te beluisteren is.

Aan de hand van dit materiaal  wordt beoordeeld of de kandidaat voldoende niveau heeft voor het masterprogramma. Bij een positieve beoordeling wordt de kandidaat uitgenodigd voor een auditie. Tijdens deze auditie speelt de kandidaat drie stukken waarvan tenminste één jazz-standard (originaliteit en een hoog niveau van de improvisatie is een vereiste).

Kandidaten kunnen hun eigen begeleiding meebrengen. Het is ook mogelijk gebruik te maken van een trio van het conservatorium; geef dit aan op het aanmeldingsformulier.

Bart Fermie methodiek
Lucas van Merwijk  
Niti Ranjan Biswas tabla

ensembles
Abel Marcel
Danny van Kessel

Delen