1. Harmonie in de uitvoeringspraktijk

In deze cursus, die verplicht is voor alle oude-muziekstudenten, leert de student basso continuo-weergaven te schrijven van de (veelal onbecijferde) bassen van de 17e en de 18e eeuw. De student maakt kennis met de progressie van modale naar tonale harmonie en de ontwikkelingen in de harmonische taal en karakteristieke nationale stijlen. Daarnaast worden er verbanden gelegd tussen harmonie en uitvoeringspraktijk, zoals bijvoorbeeld de relatie tussen harmonie en affect, dynamiek, accenten, articulatie en tempo.

cursusgegevens

Cursusduur
2 x 2 semesters

Lesmethode
Wekelijkse groepsles      

Docenten
Thérèse de Goede (voor basso continuostudenten)
Johan Hofmann (voor studenten melodie-instrumenten)

Toetsing
Basso continuo-realisaties uitschrijven uit verschillende stijlperioden

Delen