Paragraaf 9 Tijdelijke studieonderbreking en studiestaking

Artikel 25

25.1 Een student kan een gemotiveerd verzoek indienen bij de studieleiding om de studie voor een bepaalde periode te onderbreken. De studieleiding beslist of dit verzoek wordt gehonoreerd.

25.2 Bij een positief besluit worden, voorafgaand aan de periode van studieonderbreking, door de studieleiding en de student afspraken gemaakt over het moment waarop en de voorwaarden waaronder de student recht heeft op herinschrijving.

25.3 Voorwaarde voor studieonderbreking is dat de student zich uitschrijft.

25.4 De maximale duur van een geoorloofde studieonderbreking is één jaar.

25.5 Indien de student de afgesproken periode van de studieonderbreking verlengt zonder toestemming van het afdelingshoofd wordt hij of zij beschouwd als studiestaker zonder automatisch recht op terugkeer. Een verzoek om een toelatingsexamen met het oog op herinschrijving kan in dit geval door de studieleiding worden afgewezen.

25.6 Een student die zonder de toepassing van de bepalingen onder lid 1 t/m 4 de studie tussentijds onderbreekt door zich uit te schrijven, wordt beschouwd als studiestaker en heeft geen recht op terugkeer. Een verzoek om een toelatingsexamen met het oog op herinschrijving kan in dit geval door de studieleiding worden afgewezen.

25.7 Voor het afnemen van het toelatingsexamen wordt door de studieleiding een beoordelingscommissie ingesteld die bepaalt of, en zo ja op welk niveau, een student kan herinstromen en welke studieonderdelen nog moeten worden (over)gedaan uit de daaraan voorafgaande studiefase. Dit voorstel wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de examencommissie.

Delen