Masterstudie: hoofdvak Repetiteurship

Het masterhoofdvak Repetiteurship leidt op tot het vak van repetitor. In deze studie staat de ontwikkeling van het duospel in combinatie met een coachende rol centraal. De student leert functioneren binnen een breed scala van werkvelden, zoals een repetitorschap bij operahuizen, bij koren, bij concoursen en binnen opleidingsinstituten. Ook leert hij een basis te leggen voor een freelance praktijk. Daarnaast werkt de student op individuele basis verder aan de ontwikkeling van zijn eigen instrumentale en artistieke vaardigheden.
Toelatingseisen zijn: een afgeronde bachelorstudie piano, aantoonbare kamermuzikale kwaliteiten en voldoende communicatieve en didactische eigenschappen.

Het hoofdvakonderwijs is praktijkgericht en vindt voornamelijk plaats in stagevorm binnen de driehoek docent – student – correpetitor. Aan het begin van de studie kiest de student voor de richting ‘vocaal’ of ‘instrumentaal’. Beide richtingen vertonen overeenkomsten, maar verschillen op essentiële onderdelen. Daarmee wordt de student voorbereid op de specifieke kenmerken van het vocale of instrumentale repetitorschap.

Het eerste jaar van de studie is gericht op een breed repertoire; in het tweede jaar kan de student zich meer specialiseren in een specifieke richting. Een belangrijk onderdeel van de studie is het researchproject, waarin een aan repetitieurship onderwerp wordt uitgediept.

Toelatingseisen
* instroom is mogelijk met een afgeronde bachelor Muziek, hoofdvak piano of hoofdvak repetiteurship (Lyon), bij uitzondering is toelating uit het hoofdvak van een ander toetsinstrument mogelijk
* ook studenten die voorafgaand aan deze masterstudie een bachelorexamen op het CvA afsluiten, dienen een hiervan volledig losstaand toelatingsexamen te doen voor deze masterstudie
* de kandidaatstudent dient te beschikken over uitstekende muzikale en instrumentale kwaliteiten op potentieel masterniveau. Artisticiteit en eigen visie op vak en repertoire zijn belangrijke voorwaarden voor toelating. 
* de kandidaat dient te beschikken over aantoonbare kamermuzikale kwaliteiten, een goed niveau van prima-vistaspel en voldoende communicatieve en didactische eigenschappen.

 

 

Delen