Koordirectie
De studie Koordirectie op het Conservatorium van Amsterdam biedt je alles wat je nodig hebt om een veelzijdig koordirigent te worden. Je repeteert tweemaal per week met CvA-koren onder supervisie van je docenten. Je ontwikkelt een sterke repetitietechniek, traint je gehoor, maar leert ook hoe je inspirerend en efficiënt repeteert en welke gebaren daar effectief bij zijn.
Praktijkervaring staat centraal in de opleiding: je repeteert en dirigeert vaak en veel met verschillende groepen in uiteenlopend repertoire. Ook werkt de koordirectie-afdeling nauw samen met andere afdelingen, zoals orkestdirectie, zang klassiek, oude muziek, compositie en de opleiding Docent muziek.
Docenten
Maria van Nieukerken vakgroepvertegenwoordiger, hoofdvak
Benjamin Goodson vaste gastdocent
Daniel Reuss vaste gastdocent
Titia van Heyst bijvak zang koordirectie
De sfeer op de opleiding is positief: openheid in de muziek en naar elkaar toe is essentieel. Studenten kennen elkaar goed door de vele groepslessen en experimenten in verschillende werkvormen.
Naast de verschillende vormen van hoofdvaklessen volg je waardevolle bijvakken, zoals literatuurstudie, slagtechniek, individuele zang- en pianoles en partituurspel. Ook krijg je volop de kans deel te nemen aan boeiende projecten en interdisciplinaire samenwerkingen.
Alle docenten koordirectie zijn als dirigent actief in de praktijk, bij zowel professionele als amateurkoren.
Studieprogramma
1. CvA-koor & CvA-kamerkoor: zingen én repeteren
Iedere student koordirectie zingt gedurende de gehele opleiding wekelijks in het CvA- koor en het CvA- kamerkoor. De repetities van beide koren worden grotendeels geleid door de studenten koor -directie, met actieve begeleiding van de docenten. Aan beide koren zijn ook concerten verbonden, geleid door studenten en docenten.
2. Repetitietechniek: werkvormen, gehoor, communicatie
In de hoofdvaklessen werk je aan het repertoire van de CvA-koren en kies je zelf repertoire om te studeren. Je werkt aan de manier waarop jij muziek kunt overbrengen, aan jouw kennis en interpretatie van een partituur. Hier ligt de focus op jou als dirigent/inspirator.
In deze lessen vindt ook de voorbereiding en evaluatie van de repetities met de CvA-koren plaats. Hier ligt de focus op jouw repetitietechniek, gehoor, het kunnen oplossen van moeilijkheden en uiteraard gebaren die je daarbij kunnen ondersteunen.
3. Repertoire: partituurkennis, inspirerende en efficiënte gebaren
Hoofdvaklessen worden deels gegeven in groepslesvorm: de hoofdvakstudenten fungeren afwisselend als dirigent en als onderdeel van het ensemble. In deze lessen staat repetitietechniek, effectiviteit van je gebaar, gehoortraining en communicatie centraal.
Ook maken de gezamenlijke evaluaties van repetities met de CvA-koren een belangrijk onderdeel uit van deze lessen.
4. Zangtechniek: individueel, coaching bij CvA-koren en groepslessen
De docent bijvak zang fungeert regelmatig als vocal coach bij het CvA-koor, CvA- kamerkoor en de groepslessen. Zangtechniek komt dus op verschillende manieren en in verschillende les vormen aan bod: je leert dus niet alleen beter zingen in individuele lessen, je leert ook hoe je dit kunt overbrengen aan een groep.
Toelatingseisen
Selectie van de kandidaten voor het toelatingsexamen geschiedt na beoordeling van een video-opname door de toelatingscommissie. De opname moet voor 1 februari digitaal via het aanmeldingsformulier worden ingestuurd. Ook ontvangen we graag een cv en een motivatiebrief.
Video-opname
De video moet opnames van repetities bevatten in tenminste twee verschillende stijlperioden/tempi/talen. Belangrijk: de commissie wil jou zien als dirigent, als leider van de repetitie, de wisselwerking tussen dirigent en koor, een stukje van het repetitieproces dus. De duur is maximaal 30 minuten. Let op: stuur geen concert-video’s sturen, ook geen video’s waarop je zingt en/of piano speelt.
Het toelatingsexamen bestaat uit de volgende onderdelen:
Theoretisch onderdeel (25 minuten):
- gehoor
- muzikaal niveau, instrumentaal of vocaal
- pianospel: minimaal een tweestemmige inventie van Bach kunnen spelen
- literatuurinzicht, affiniteit met Frans, Duits en Engels
Praktisch onderdeel: vier onderdelen op één dag
1. Repetitie met het CvA- Kamerkoor
Je krijgt ca. 20/25 minuten om te repeteren met het CvA-kamerkoor aan stukken die het koor enigszins kent. Wat doe jij, waar kies je voor, wat kun je bereiken in de tijd die je hebt? Hier gaat het om repetitietechniek, gehoor, communicatie met de groep, keuzes, reageren op wat er gebeurt, inspireren en uiteraard ook je gebaren. Ook kijken we naar je uitstraling, vocaliteit, partituurkennis en besluitvaardigheid.
Repertoire: De commissie kiest ter plaatse uit een lijstje vooraf opgegeven stukken.
2. Dirigeren van enkele stukken met piano & klein zang-ensemble
Je dirigeert enkele stukken alsof je een concert dirigeert. Jouw koor bestaat uit een pianist en de studenten Koordirectie.
Hier gaat het dus met name om jouw muzikaal leiderschap in gebaren, (oog)contact maken, jouw interpretatie van een partituur.
Dit onderdeel duurt ca 15 min per kandidaat.
Repertoire: De commissie kiest ter plaatse uit een lijstje vooraf opgegeven stukken.
3. Zang & piano
We willen je natuurlijk ook zelf horen zingen. Je hebt een vooraf opgegeven lied voorbereid, je voert dat uit samen met een pianist van het CvA.
Ook willen we weten hoe goed je piano speelt. Bereid daarom een (zelfgekozen) tweestemmige Inventie van Bach voor (een driestemmige Inventie mag ook), die je op het examen voorspeelt. Eventueel vragen we je ook nog om een partituur te spelen van de lijst koorwerken die je voorbereid hebt voor onderdeel 1 en 2.
Zang: verplicht werk, wordt vantevoren opgegeven
Piano: zelf een stuk kiezen uit twee/drie- stemmige Inventies van J.S. Bach
(NB: geen andere stukken!)
4. Motivatiegesprek
Tenslotte willen we je natuurlijk beter leren kennen en een breder beeld hebben van wie jij als persoon bent. Daarom nemen we even de tijd om met je te praten. Ook kun je hier zelf vragen stellen aan de docenten.
Curriculum
Tijdens de masteropleiding verdiept de directie-student zich verder in partituren en hoe deze over te brengen aan een koor (en orkest)! Alle onderwerpen die bij de bacheloropleiding worden genoemd, komen op een meer verdiepende, intensievere manier bij de master aan de orde.
Hoofdvakstudie
Er worden hogere eisen gesteld aan partituurkennis en moeilijkheidsgraad van de stukken.
Ook gaat het tempo omhoog: je bestudeert meer partituren en richt je ook meer op stukken voor koor en orkest. Daarnaast ga je nog meer repeteren met de CvA-koren en in de projecten van dat jaar.
Er wordt verder gewerkt aan een goede repetitietechniek, waarbij ook je gehoor, dirigeertechniek, communicatievaardigheden en al het andere wat je nodig hebt om een goed muzikaal leider te zijn verder worden getraind.
Daarnaast maak je kennis met co-teaching: hoe leer je anderen iets over dirigeren. Dat gebeurt onder meer door aanwezig te zijn bij lessen van van studenten bijvak koordirectie en hier, samen met de hoofdvakdocent, iemand te onderwijzen.
Repeteren met CvA- Kamerkoor en CvA- Koor
In de master werk je nog veel vaker met de CvA-koren dan in de bachelor het geval was.
Jij bent bijvoorbeeld degene die een nieuw stuk opstart, een moeilijker stuk aanbiedt, maar ook: jij bent in staat om de verfijning en uitwerking van muzikale details voor elkaar te krijgen. Bij projecten krijg je de kans om ook gedeeltes van deze projecten te dirigeren.
Research
Naast specifieke aandacht voor zaken die voortvloeien uit het hoofdvak - directietechniek, partituur- en repertoirekennis, techniek van het repeteren - speelt research hier een vanzelfsprekende rol. Om een partituur op overtuigende wijze over te kunnen brengen op een koor, ensemble of orkest, is een grondige kennis van het werk - en dus gedegen onderzoek - onontbeerlijk. In het kader van de mastervakken kan de student zich richten op een bepaalde compositie of componist, maar ook op de historische uitvoeringspraktijk, op stemmingen of op bepaalde speeltechnieken.
Master-research is een apart onderdeel van de master, de student schrijft een scriptie over het onderwerp van zijn/haar keuze en gaat die ook verdedigen. Over onderzoek wordt apart voorlichting gegeven
Andere vakken
Studenten volgen tevens een aantal master- en keuzevakken. Het ligt zeer voor de hand om bijvoorbeeld te kiezen voor bijvak orkestdirectie.
Toetsing
Wordt in overleg vastgesteld
Toelatingseisen
Selectie van de kandidaten voor het toelatingsexamen geschiedt na beoordeling van een video-opname door de toelatingscommissie. De opname moet voor 1 februari digitaal via het aanmeldingsformulier worden ingestuurd. Ook stuur je een cv en een motivatiebrief in.
Video-opname
De video moet opnames van repetities bevatten in tenminste drie verschillende stijlperioden/tempi/talen. Belangrijk: de commissie wil jou zien als dirigent, als leider van de repetitie, de wisselwerking tussen dirigent en koor, een stukje van het repetitieproces dus. De duur is maximaal 45 minuten. Let op: stuur geen concert-video’s sturen, ook geen video’s waarop je zingt en/of piano speelt.
Het toelatingsexamen bestaat uit de volgende onderdelen:
Theoretisch onderdeel (25 minuten):
- gehoor
- muzikaal niveau, instrumentaal of vocaal
- pianospel: minimaal een tweestemmige inventie van Bach kunnen spelen
- literatuurinzicht, affiniteit met Frans, Duits en Engels
Praktisch onderdeel: vier onderdelen op één dag
1. Repetitie met het CvA- Kamerkoor
Je krijgt ca. 20/25 minuten om te repeteren met het CvA-kamerkoor aan stukken die het koor enigszins kent. Wat doe jij, waar kies je voor, wat kun je bereiken in de tijd die je hebt? Hier gaat het om repetitietechniek, gehoor, communicatie met de groep, keuzes, reageren op wat er gebeurt, inspireren en uiteraard ook je gebaren. Ook kijken we naar je uitstraling, vocaliteit, partituurkennis en besluitvaardigheid.
Repertoire: De commissie kiest ter plaatse uit een lijstje vooraf opgegeven stukken.
2. Dirigeren van enkele stukken met piano & klein zang-ensemble
Je dirigeert enkele stukken alsof je een concert dirigeert. Jouw koor bestaat uit een pianist en de studenten Koordirectie.
Hier gaat het dus met name om jouw muzikaal leiderschap in gebaren, (oog)contact maken, jouw interpretatie van een partituur.
Dit onderdeel duurt ca 15 min per kandidaat.
Repertoire: De commissie kiest ter plaatse uit een lijstje vooraf opgegeven stukken.
3. Zang & piano
We willen je natuurlijk ook zelf horen zingen. Je hebt een vooraf opgegeven lied voorbereid, je voert dat uit samen met een pianist van het CvA.
Ook willen we weten hoe goed je piano speelt. Bereid daarom een (zelfgekozen) tweestemmige Inventie van Bach voor (een driestemmige Inventie mag ook), die je op het examen voorspeelt. Eventueel vragen we je ook nog om een partituur te spelen van de lijst koorwerken die je voorbereid hebt voor onderdeel 1 en 2.
Zang: verplicht werk, wordt vantevoren opgegeven
Piano: zelf een stuk kiezen uit twee/drie- stemmige Inventies van J.S. Bach
(NB: geen andere stukken!)
4. Motivatiegesprek
Tenslotte willen we je natuurlijk beter leren kennen en een breder beeld hebben van wie jij als persoon bent. Daarom nemen we even de tijd om met je te praten. Ook kun je hier zelf vragen stellen aan de docenten.
